Ik wil kinders. Ooit. Maar niet nu. En volgend jaar ook niet. En waarschijnlijk het jaar daarna ook nog niet. Momenteel zijn kinders in mijn ogen nog meer een last dan een lust. Vuile pampers, opstaan in het midden van de nacht, babykots, nee laat nog maar even zo.
Bovendien ben ik niet goed met kinders. Zeker niet in vergelijking met het lief, die (tegen alle verwachtingen in) een natuurtalent blijkt te zijn in het omgaan met klein mannen.
Geef mij ne kleine in mijn handen en ik sla in een lichte vorm van paniek, omdat ik in alle eerlijkheid niet goed weet wat ermee te doen. Ik heb al bijgeleerd natuurlijk. Een klein klein beetje. Zo weet ik bijvoorbeeld dat in de neus van mijn lief nijpen en TOET roepen een absolute topper is bij kinders van rond het jaar. Overdreven opgewekt lachen of in de handen klappen doet het ook altijd goed, tenminste bij de kleine van de zus van mijn lief. Maar misschien is dat gewoon een gemakkelijk kind. Ik verdenk hem er eigenlijk een beetje van een te fijne baby te zijn. Altijd zijn vier tanden blootlachen als hij mij ziet, aaitjes geven, hmm. Volgens mij is hij één van die überbaby’s. Zo eentje dat het tot zijn missie gemaakt heeft de hele niet-baby-willende bevolking te bekeren. Maar bij mij zal het niet pakken..neenee.. of misschien een klein beetje…
Later in mijn huis… deze… overal.





Ooit het boek ‘The Undomestic Goddess’ van Sophie Kinsella gelezen over die advocate die plots een heel huishouden moet gaan runnen en nauwelijks de oven van het afwasmachien kan onderscheiden? That’s me.
Natuurlijk weet ik dat de oven dient om vuile borden in af te wassen het afwasmachien om cake in te bakken. Of was het nu andersom? Hmm… Straks toch effe checken.
Punt is dat mijn huishouden later een ramp gaat zijn. Ten eerste kuis ik niet graag. En niet graag is dan nog een understatement. Tuurlijk lig ik graag tussen propere frisgewassen lakentjes en zie ik mezelf al rondhuppelen in een villa die heerlijk naar dennengeur ruikt. Maar in werkelijkheid? Not gonna happen. Ok, mijn toekomstige huis gaat geen zwijnestal zijn en ik ben écht wel van plan om te kuisen… . Af en toe.
Ten tweede kan ik ook niet koken. Niet niet niet. Het geniale plan hier is gewoon elke dag chocoladecake te serveren… Omdat dat het enige is dat ik wel kan maken. Ha. Genoeg calorieën in die cake om minstens een week op te overleven. En voor de rest dans ik gewoon wat in de keuken rond met een kookpot op mijn hoofd, om mijne vent af te leiden van het feit dat mijn eten niet deugt. Waterdicht plan, toch?
Soms denk ik dat ik al 5 jaar iets heb met Dr. Jeckyll en Mr. Hyde. ‘Mijne vent’ heeft volgens mij last van een gespleten persoonlijkheid. Langs de ene kant hebben we Mr. Hyde, die niet al te vaak naar boven komt.
Mr. Hyde typeert zich door:
- Koppigheid. Dagenlang de telefoon niet opnemen als hij in zijn gat gebeten is. Mr. Hyde kan soms een echt wijf zijn.
- Tammigheid. Vanuit zijn luie zetel commandeert Mr. Hyde iedereen rond. Dat kan gaan van rechtstreekse orders (Moeder, geef mij ne keer koffie!) tot slinkse maneuvers (Schaaa-aaat, kunt gij ne keer de cola voor mij nemen want anders moet ik de hond nog van mijn schoot nemen en de stoel nog verschuiven en… )
- Ongevoeligheid. Spreekt voor zich denk ik. Wij, wijven, hebben er altijd een reden voor als we blijten. Altijd. Zoiets in twijfel trekken is grove mannelijke ongevoeligheid. Punt.
- Overdreven haantjesgedrag. Voeg Mr. Hyde bij een grote groep van zijn vriendjes en er blijft bijna niets meer over van de gevoeligheid van Dr. Jeckyll. Ik verwacht ooit het moment dat ze collectief in ontbloot bovenlijf beginnen rond te rennen, onderwijl ‘me Tarzan, you Jane’ roepend. Gepaard met het nodige borstgeklop natuurlijk.
- Competitiedrang. Gaat meestal gepaard met bovenstaand haantjesgedrag. Mr. Hyde moet de beste zijn. Overal en in alles. En durf dat maar eens in twijfel trekken.
Gelukkig is er langs de andere kant ook nog Dr. Jeckyll, dé reden waarom ik het al vijf jaar met hem volhoud.
Dr. Jeckyll:
- Verandert de spelregels een beetje als ik keihard aant verliezen ben met een gezelschapsspel, zodat ik iets minder keihard verlies.
- Heeft ondertussen door waneer er iets is en vraagt dan ook wat er aan de hand is. Dr. Jeckyll weet ook dat hij even moet blijven aandringen wanneer ik ‘er is niks’ zeg.
- Merkt op wanneer ik naar de kapper geweest ben. Elke keer. Echt.
- Belt om te vragen of hij nog binnen mag als hij een half uur later thuiskomt dan verwacht.
Ik zou nog wel even kunnen doorgaan met de fijne dingen die Dr. Jeckyll wel niet doet, maar de mierzoete ‘oh wat zie ik hem toch graahaaag’ kotsfactor van deze blogpost is al hoog genoeg. Laat ons dus gewoon zeggen dat ik het wel apprecieer dat mijne vent zowel een Dr. Jeckyll als een Mr. Hyde kantje in zich heeft. Dat houdt het allemaal een beetje spannend
.
Sinds ik een visakaart in mijn bezit heb, heb ik de wondere wereld van het online shoppen pas goed ontdekt. Alle redenen zijn goed om iets nieuws te kopen en ‘even wachten en overdenken‘ bestaat niet meer. Waar ik vroeger een weldoordachte meid was, ben ik nu een impulsshopster geworden. MOETEN , HEBBEN en NU zijn sindsdien mijn lievelingswoorden geworden.
Nieuw spelletje voor de PSP? Klik Klik *Katching*! Nieuwe jeans van Esprit? Klik Klik *Katching*! Nieuw fototoestel? Klik Klik *Katching*! Nieuwe DVD? Klik Klik *Katching*! U snapt het wel.
Sinds kort (lees : vrijdagavond) ben ik trotse bezitster van een eigen voiture. Gevolg? Ik MOET een sleutelhangertje hebben voor mijn sleutels en ik MOET een Bee-otch luchtverfrisser hebben. Moet gewoon. Moet moet moet.
Ik werk op een ventenfirma. Of zo lijkt het toch. Omdat de helft van de vrouwen hier (2, that is) niet voltijds werkt / elders verplichtingen heeft, komt het er vaak op neer dat collega N. en ik alleen overblijven met het mannenbastion. Zo ook vorige donderdag, toen we onder de middag in centrum Brussel terechtkwamen.
Als er iets is dat u moet weten over collega N. en ik, dan is het wel dat we beiden stilaan een schoenenfetish aan het ontwikkelen zijn. Het zal u dan ook niet verbazen dat we beiden volledig loos gingen toen we de eerste schoenwinkel in het City 2 shopingwalhalla spotten. Nietsvermoedend kuierden onze mannelijke compagnons door de wandelgangen toen we plots vanuit de rug aanvielen en als een bende Tokio Hotel fans op de schoenwinkel afstormden. ‘Ai, we zijn ze kwijt’, hoorde ik één van de mannen mompelen. De dapperste onder hen durfde zich nog net in de schoenwinkel wagen om ons te vertellen dat zij zich in de dichtstbijzijnde boekenwinkel zouden bevinden. 5 Paar schoenen later voegden we ons weer bij hen, alwaar de tocht zou verdergaan naar de Mediamarkt. Ik weet niet of u vertrouwd bent met de locatie van de Mediamarkt in Brussel, maar moest u het niet zijn: op het 5e verdiep van ‘den Inno‘. Gezucht alom bij de mannen want ‘hoe gaan we twee wijven in recordtijd op de 5e verdieping van een gigantische winkel krijgen?’ . Ik geloof dat ik ergens zelfs het woord ‘oogkleppen’ opving. In elk geval, ‘t is hen gelukt. En snel nog ook. Want als er iets is dat ik nog spannender vind dan schoenen, dan is dat wel het vooruitzicht op massa’s goedkope DVD’s. Maar over die koopverslaving ga ik (voorlopig) maar zwijgen.
Gezien bij Kathleen en in de Flair: mijn wijflijf en me.
Gezicht en Haar?
Ik ben gezegend met een geweldige bos haar. Veel, dik en in een muizige kleur ergens tussen blond en bruin. Dankzij pottekes haarkleur uit het Kruidvat loop ik nu rond met een weelderige bos lichtblond haar met een ferm streep uitgroei. Morgen gaat er een nieuw laagje verf op, zeer zeer licht asblond, ongeveer zo licht als het met een potje kan worden.
En mijn gezicht, ja, het is een gezicht hé. Aangezien mijn lief er al 5 jaar op kan kijken zal het niet té erg zijn zeker. Ik ben tevreden met mijn ogen, die eigenlijk wel schoon blauw zijn. Iets minder tevreden ben ik met het litteken op mijn bovenlip. Cadeautje van mijn eerste kat, die het spel ‘Minouchke pesten’ niet zo fijn vond als ik.
Totaalscore: 7/10
Borsten?
Ne goeien B. Niet te groot en niet te klein. Groot genoeg om een schoon decolté te vormen, klein genoeg om nooit in de weg te hangen.Veel meer valt er daarover niet te zeggen eigenlijk, buiten dat ik er eigenlijk best wel content mee ben.
Totaalscore: 9/10
Armen en benen?
Over mijn armen heb ik niet te klagen. Ik heb nog niet echt last van kipfilets, eerder van kiekemacht (puts dialect voor absoluut geen kracht in de armen hebben).
Mijn benen, da’s iets anders. Goed, met mijn meter 82 sta ik hoog en droog op mijn ellelange benen, maar dikke kuiten dat ik heb! Ik moet echt opletten welke schoenen ik onder een rokske aandoe, want anders hebben mensen iets van ‘waar gaan die kuiten met dat meiske naartoe’?
Totaalscore: 6/10
Buik?
Ooit strak en plat, nu nog wel plat, maar niet echt strak meer. Ik ben er wel van overtuigd dat dit nog vrij snel in orde kan komen met de nodige situps. Vanaf morgen beginnen we er dus met volle moed aan.
Totaalscore: 8/10
Billen?
Ik heb het al meer dan eens gezegd: ik heb een dik gat en dikke billen. En neen, ik heb niet zoiets van ‘wat heb ik een schoon J-LO kont’. Mijn gat is lelijk, mijn gat is dik. Punt. Bovendien ben ik niet te schoon om te beweren dat ik wat last heb van cellulitis. Ach ja, met mijn geweldige überdieet dat ik morgen begin zal ‘t wel terug in orde komen zeker?
Totaalscore: 3/10
Totaal?
Een 7/10.
Ik heb ondertussen leren leven met mijn wijflijf. De ene dat gaat dat leren leven al wat makkelijker dan de andere, maar over ‘t algemeen vind ik ‘t zo slecht nog niet.
Ook over mijn lengte heb ik inmiddels geen complexen meer. Sure, ik steek zowat 15 cm boven de gemiddelde vrouw uit, but so what. Vroeger durfde ik geen hakken dragen uit schrik overal bovenuit te steken. Nu weet ik dat ik dat sowieso toch al doe, met of zonder hak. Die 5 cm extra zal ‘t verschil niet meer maken. Bovendien heb ik een lief dat met zijn meter in de negentig nog boven mij uittoornt. Naast hem durf ik me al eens klein te voelen. Ne dikke hoera voor hem dus!
Mijn wijflijf is niet langer de goed onderhouden tempel die het ooit was. Op 17 jarige leeftijd was ik, dankzij +/- 4u ballettraining per week, de trotse bezitster van een strak lijf waar geen grammetje vet teveel aanzat. Nu is het al heel wat minder. Mijn gat is zowat het dubbel van wat het zou mogen zijn, en over mijn billen zwijgen we al helemaal.
Maar! Ik heb een strak plan. Vanaf morgen begint Het Grote Dieet. Het dieet der diëten zeg maar. Hét plan dat ervoor zal zorgen dat de tempel van weleer in volle glorie zal hersteld worden. Het fruit ligt al klaar in de mand en de ijskast steekt vol met groensels. Vanaf morgen begint het grote afvallen. En als u mij nu even wil excuseren, ik moet mezelf nog even gaan volsteken met alle chocolade en chips die ik maar kan vinden.
De week van 24 tot 30 maart zal vanaf nu gekend zijn als wijvenweek! Meer info hierover kan u terugvinden op deze twee geweldige sites: KLIK en KLIK , met dank aan Lilith en Kerygma.
Later vandaag ongetwijfeld ook een wijvenblog hier.. maar eerst nog effe deze blog in een nieuw kleedje steken. Want kleedjes kopen,da’s iets typisch vrouwelijk

